Traditie in de kijker: de Drogo-ommegang

22.12.2016

Een traditie in beweging: de Drogo-ommegang in Bellingen 

Dit jaar reizen de vrijwilligers van de Erfgoedcel de regio rond op zoek naar de tradities die hier leven. Heel wat mensen zetten zich met hart en ziel in zodat hun traditie kan blijven bestaan, sommige tradities worden daarvoor ook aangepast. Lize ging praten met Jacqueline Smismans, enthousiaste vrijwilliger bij de Drogo-feesten in Bellingen.

 

L: De Drogo-ommegang is opgehangen aan de figuur van Drogo. Wie was Drogo eigenlijk?

J: Drogo leefde in de 12de eeuw en werd vereerd in Noord-Frankrijk. Zijn moeder zou overleden zijn bij zijn geboorte, waardoor Drogo zich erg schuldig voelde en hij zich later helemaal terugtrok als kluizenaar. Hij zou de rest van zijn leven zijn cel niet meer verlaten en hij deelde al zijn bezittingen uit aan de armen. Uiteindelijk stierf hij in zijn kluis in 1189


L: Wat is de link van Drogo met Bellingen?

J: Zijn relikwieën werden in de 16de eeuw meegebracht door monniken die op de vlucht waren voor de Franse troepen en verstopten ze in de kerk van Bellingen. In 1881 vond pastoor Wielant de relikwieën en vanaf dan werd Drogo vereerd . Drogo werd de patroonheilige van de wandelaars, de stappers en de zwakke weggebruikers.

L: Hoe ben je zelf bij de organisatie van de Drogo-feesten betrokken geraakt?

J: Als lid van het eerste uur van de heemkundige kring  “Bellingahaim”  ben ik betrokken geraakt bij de organisatie. Elk jaar organiseren we de Drogo-feesten, we nemen daarvan de hele organistie op onze schouders, allemaal vrijwilligers! Naast het onderhoud en het beheer van het domein Ter Loo is de organisatie van de ommegang immers een belangrijke taak.

L: Heb je de traditie van de Drogo-ommegang zien veranderen?

J: Ja, 50 jaar geleden was dit vooral een heiligen-processie. Als ik hier puber was, intussen toch al 50 jaar geleden, liep ik mee in de processie. Ik was dan de heilige Catharina en droeg een lange sleep,  twee jongetjes in kostuum droegen deze sleep en voorop liep er iemand met mijn naambord. In 1993 beslisten we om de stoet meer toe te spitsen op de geschiedenis van het dorp. De Drogo-ommegang brengt nu allerlei historische taferelen, ze beelden stukken uit het leven van Drogo en over het ontstaan van de abdij van Bellingen uit. We noemen de stoet dan ook geen processie meer, maar een ommegang.  Op deze manier brengen we historische personages tot leven voor de mensen.

L: De Drogo-ommegang vraagt zeker een heuse voorbereiding?

J: Ja, Aan de Drogo-ommegang gaat inderdaad een hele voorbereiding vooraf. Per brief wordt aan de deelnemers gevraagd of ze opnieuw willen meelopen in de stoet. Als alle deelnemers gekend zijn, verdelen we de rollen, soms krijgen ze dezelfde rol, soms een andere. Nadien passen de deelnemers hun kledij. Met de school ‘De Bron’ is er ook een goede samenwerking. De juf steekt een briefje in de boekentas met de vraag wie graag meegaat in de ommegang. De ommegang telt vandaag 50 tot 60 deelnemers.  Zij zijn afkomstig uit de ruime omgeving van Bellingen en alle deelnemers zijn best trots op hun taak. In de ommegang rijden ook karren mee waar de boeren zorgen voor zorgen. Ook dieren lopen mee zoals een paar schapen. Maar niet elk schaap kan dit doen.. ,ze moeten tam zijn en mogen niet tegentrekken.  Daarom lopen er nu ook twee ezels mee van de buurman.

L: De Ommegang is een onderdeel van een feestweekend, de Drogofeesten. Wat staat er naast de ommegang nog op het programma?

J: ’s Zaterdags kan je komen eten vanaf 18u. Op zondag is er dan een aperitiefconcert van de Koninklijke Harmonie en ’s middags wordt dan opnieuw eten geserveerd. Rond 15u vertrekt dan de Ommegang. Het publiek wordt op voorhand via flyers warm gemaakt voor de Drogo-feesten. Er is de kaartenvoorverkoop aan huis, de kranten worden aangeschreven en de plaatselijke televisie Ring-TV komt ook.

De opbrengsten van de feesten gaan naar de restauratie van de historische gebouwen en het ontmoetingscentrum Ter Loo.

 

Interview door Lize Dedoncker

Artikel door Betty Denys

 

 

 

Reageer

deze jaarlijks processie op de eerste zondag na Pinksteren gaat meer dan 300 jaar uit in het Kestergewoud. De processie, bestaande uit het beeld van de H. Drievuldigheid en de vier dragers, een 100-tal bereden paarden en evenveel bedevaarders te voet, start in de Sint Martinuskerk te Kester en doet vervolgens de kerken van Herfelingen en Oetingen aan. Bij de terugkeer in Kester vervoegt de "Kleine Processie" de H. Drievuldigheidsprocessie. Samen stappen zij onder begeleiding van de Harmonie naar de Sint Martinuskerk. Dit betekent ook de officiële start van de jaarlijkse Kermis.